04.09.18 Wij zetten hanen op de kerktoren, hier stoppen ze ze in een hok in de kerk

Beste lezer, ik typ deze blog al vanuit Burgos. Ik wil jullie meteen vertellen dat de meer sappige anecdotes over gisteren, later ik de tekst zullen komen. Ik zou zo zeggen, net als de pelgrims, doorzetten en all will be revealed in teh end, of toch daarrond.

Deze ochtend was er opnieuw een verzorgd ontbijtbuffet in een ruime zaal waar aande wanden allerlei meer of minder bloederige tekeningen hingen van stierengevechten. We zaten dus ook in oog met torreros, matadores en toreadores. Onze aanwezige hispanist liet tussen een beet meloen en een slok koffie wel opmerken dat toreador geen Spaans is en dat het torrero moet zijn. Nochtans hebben wij allen in West-Vlaanderen het liedje gezongen van ‘Toreador, een kletskop heeft geen hoar enz’ en wij waren dus al die jaren verkeerd. Je steekt nogal dingen op tijdens zo’n fietstocht.
Zoals gewoonlijk werd er dan zo rond 8.40 uur vertrokken met als einddoel Burgos, toch wel 117 km verder en ook nu en dan serieus bergop. Als eerste stop werd  Santo Domingo de la Calzada vooropgesteld en dat was een rit van ongeveer 48 km, aankomst voorzien na een iets meer dan twee uur fietsen. Uiteindelijk waren ze daar om 11.08 uur en dan waren ze al gestopt in Najera. Ze besloten om na een bezoek aan de kathedraal in het stadje meteen door te fietsen naar Quintanilla del Monte waar we dan samen omstreeks 12.10 zouden eten. Ik laat ze even daar om te vertellen wat ik intussen deed.

Ik begon mijn werkdag met het doen van inkopen in Navarrete. Eerst brood in een open bakkerij en dus lekker warm en vers en daarna frisdrank voor de fietsers om voldoende energie te hebben. Ter wijl ik moest wachten tot de winkels er om negen uur opengingen, had ik alle tijd om twee gemeentelijke werkmannen bezig te zien bij de bloembakken die in de straat stonden opgesteld. Ze waren met twee en een ervan reed met een heftruck. Ik dacht dat ze die bakken moesten verplaatsen, maar mis poes. De chauffeur van de heftruck moest de bloembakken optillen tot ze op de hoogta van de handen van de tweede werkman kwamen zodat hij er het onkruid kon uit trekken, blijkbaar was het door de vakbond verboden om door de knieën te buigen om onkruid te wieden. Wanneer ik uit de winkel kwam hadden ze toch al drie bakken gedaan. En wij zullen wel de Spaanse deficieten aanvullen met Europees geld.
Met alle noodzakelijk mondvoorraad reed ik dan naar Najera om daar een artistiek hoogtepunt van de camino te gaan bezichtigen, het Monasterio Santa Maria La Real. Het is echt een bezoek meer dan waard: het interieur van de kerk met achterin de grot waar het verhaal van de stichting begon, de koninklijke graven en het klooster met de wondermooie booginvulling, echt het zien waard.

Maar we moeten verder naar de afspraak met de fietsers. En dat ging niet zo vlot want bij het buitenrijden van Najera was de weg plots geblokkeerd door een ingestorte rotswand die rotsblokken over de hele weg had verspreid waardoor er niets anders opzat dan een omweg te zoeken via een paar kleine dorpen en landwegen. Uiteindelijk raakte ik er wel uit en kon ik doorrijden naar de afspraak waar ik de hongerige bikers kon voeden.

Tijdens het eten ontspon zich een lustig en vrijmoedig gesprek waarbij Frederik opmerkte dat die aquamassagetoestand in zijn badkamer toch niet veel zaaks was. Hij beschreef de kracht van de massage als een ‘piesstraaltje’. Wellicht weer West-Vlaams en enigszins verwarrend omdat hij de avond te voor nog had gesteld dat de waterstralen bijna pijn deden. Dit deed Bruno, onderlegd in menselijke anatomie en fysiologie en altijd bekommerd om het lichamelijke welzijn van de medemens,  de vraag stellen op welk lichaamsdeel hij die stralen dan wel had gericht? Het antwoord doet hier nu niets terzake en het geeft echt geen pas om op een pelgrimstocht, zij het naar Lourdes, Scherpenheuvel of Compostella, dergelijke taal te gebruiken of zulke onderwerpen aan te snijden. Maar laten we barmhartig wezen en dit alles met de mantel der liefde toedekken, het is uiteindelijk des mensen. Tot zover dit stukje roddel en hiermee sluiten we de rubriek voor ‘Dag Allemaal’ af. En Frederik, troost je, het is het lot van vedetten en kampioenen dat er over hen wordt geblogd, maar natuurlijk met mate.

Na het eten zetten de fietsers koers naar Burgos waar ze dachten rond vijf uur aan te komen. Ik mocht zelfs niet verwonderd zijn indien het zes uur of later zou worden, want het was nog een serieuze klimpartij. Met de gerusstelling over een zee van tijd te beschikken, keerde ik naar Santo Domingo de la Calzada dat de fietsers voordien al hadden bezocht.  Ook hier was het echt de moeite waard. Weer een mooie kathedraal met binnenin boven een deur een levende kip en een haan in een hok hoog buiten het bereik van de bezoekers. Daarin leven sedert het mirakel van de gehangene beide vogels en tot geruststelling van onze dierenliefhebbers: ze worden om de drie weken vervangen door nieuwe soortgenoten. De stad heeft ook een heel mooi marktplein en resten van de oude stadswallen. Dus zeker de omweg waard.

Nu mijn bezoeken waren afgewerkt, kon ik doorrijden naar Burgos om er de fietsers op te wachten. Maar wat had je gedacht, op meer dan 15 km voor Burgos kreeg ik al bericht dat ze in het hotel waren aangekomen! Op die manier is het echt onmogelijk om de feestelijkheden te plannen, we zijn nog bezig met het plaatsen van de nadarafsluiting, het rechtzetten van het ereplatform en het oppoetsen van de instrumenten van de fanfare en de bloemenjuffrouwen hebben hun lippen nog niet echt gerood of daar komen ons fietsers al uit de laatste bocht en zetten ze de laatste rechte lijn in. Vandaar dat na contact en enig overleg met de Tourdirectie is besloten dat van de Tour de France 2019 renners beboet zullen worden om te vroeg aan te komen. En als dat daar geldt, dan geldt dat mutatis mutandis hier. Sé non é véro é bien trovato. Ik spoedde mij dus voorbij de archeologische opgravingen van Atapuerca, waar men baanbrekende ontdekkingen doet over de vroegste bewoners van het Europese continent en de ooieveaarsnesten in Belorado, naar het Hotel Puerta de Burgos waar de fietsers in de lobby op mij zaten te wachten.

Wat later op de avond trokken we dan naar Burgos voor een eerste verkenning waar tussen tapa en pint allerlei verhalen werden verteld waarover ik niet kan spreken zonder enige opschudding te verwekken in menig West-Vlaams huisgezin. In die mooie stad, die we morgen inde voormiddag wat uitvoeriger zullen bekijken, versterkten we de innerlijke mens met iets wat je in Spanje toch moet gegeten hebben:  een heerlijke paëlla.

image

Intussen was het wel wat beginnen waaien en we waren blij weer in het hotel geraakt te zijn zonder een regenbui over ons heen te hebben gekregen. We vrezen voor morgen, maar wat kunnen we eraan doen, een mens moet nu eenmaal fietsen als je op een fietstocht naar Compostella bent. Morgen weten jullie of we nat zijn geworden. Hou de paraplu maar alvast klaar!

 

Wedstrijdvraag: hoeveel keer won Indurain (voor de leken, een Spaanse wielrenner in de klasse van onze klimmer Francis) de Tour de France?

Een gedachte over “04.09.18 Wij zetten hanen op de kerktoren, hier stoppen ze ze in een hok in de kerk

  1. Ah ba 5 keer hé, ’91 tot ’95, in de tijd when I was young and beautiful, enfin, young toch. En si, jefe, mañana probablemente tormenta. Y un poco de viento. Y español con cabello.

    Like

Geef een reactie op Franky Lava Reactie annuleren