Voor alle duidelijkheid meteen melden dat geen enkel onderdeel van de titel met een ander onderdeel te maken heeft. Zo voorkom ik dat een link wordt gelegd tussen de wijn en de noodzaak aan dépannage.
Gisteren had ik nog enkele foto’s beloofd en hier zijn ze dan:
De eerste foto is er een van een beeldje in Puente la Reina. Het deed mij op een of andere manier denken aan Louis Tobback, ik weet niet waarom. Daarnaast Frederik die zijn dorst had gelest met enige hier opeengestapelde glazen bier, let wel, sine alcohol en nu in diepe gedachten verzonken zat over de te volgen route. Dan de drie fietsers voor het bord van de Ibaneta en twee fietsers en uw dienaar voor het bord van SJPdP. Dit alles kwestie van toch enig bewijs van aanwezigheid te kunnen voorleggen.
Ook vergeten te zeggen dat naast de bijna-ramp-met-het-mes gisterenavond, ikzelf enige uren voordien een aanval van hypertensie (net over 20) had gekregen toen ik dacht dat ik de afstempelboekjes van de fietsers was verloren. Ik zag me al samen met Miet de hele reis van vorig jaar en dit jaar opnieuw doen om in al de bezochte plaatsen drie boekjes opnieuw te laten afstempelen. Ik bleef maar zoeken en besloot in de wagen te gaan kijken. De fietsers die buiten het hotel op mij stonden te wachten, meenden al dat ik een douche aan het nemen was. En plots, nog voor ik iets kon zeggen, zag ik het zakje met de boekjes in de handen van Bruno. Groot was mijn opluchting en intussen is mijn bloeddruk alweer binnen de normale grenzen gekomen.
En nu vandaag. We waren op om 7.30 uur en ofschoon het nog fris was besloten we toch maar buiten te eten, net niet met ontblote borst. Het ontbijt was al wel kariger maar toch lekker en voedzaam en de koffie deed deugd. Daarna werd de wagen bijgehaald en alle bagage werd ingeladen, zoadat ze konden vertrekken om 8.40 uur richting Estella. Intussen deed ik mijn eerste boodschappen in een Spaanse winkel en ik moest daar natuurlijk, zo dacht ik Spaans spreken. Ik had al een paar zinnetjes aan Francis gevraagd en ik was er klaar voor, tot de baas van de winkel, verbaasd over mijn accentloos en vlot Spaans, met mij begon te praten over iets waarvan ik natuurlijk geen iota begreep. Dan doe je eens je best. Nu, ik had toch mijn tomates en platanos, chorizo (moeilijk uit te spreken), lomos en nog het een en het ander. Net toen ik buitenging kwam er een andere toerist binnen die rustig weg zijn bestelling in het Frans deed en waarop de eigenaar in vlot Frans antwoordde. Zoveel dus voor mijn inspanningen en dan maar schrijven dat de Spanjaarden het weten te waarderen als je wat moeite doet om een paar worden van hun taal te spreken. Vanaf nu beperk ik me tot !hola¡ (ja ik heb de toets gevonden).
Met de aankopen dan maar op weg naar Estella. Het Spaanse wegennet ligt er heel goed bij en alles wordt prima aangeduid, chapeau. In Estella was het echter niet te doen om te parkeren: alle openbare parkings vol, in parkeergarages kan ik niet binnen en zonder kaart mocht ik ook niet op de vrije plaatsen in de blauwe zone staan. Dan maar wat sightseeing gedaan met de auto en vertrokken naar het klooster van Irache, een van de oudtse kloosters op de camino. Bij het verlaten van de snelweg vanuit Puente naar Estella, krijg je een prachtig panorame te zien met daarin een paar hoge toppen (Monte Jura van 1044 m en Montjardin van 894 m), terwijl ik dacht dat het nu wel weer vlak zou gaan worden, neen dus.
In Irache was het klooster dicht, gesloten en toe en dus helemaal niet te bezoeken. Gelukkig een troost. Om de pelgrim te sterken verbouwen de paters ook wijn (vooral om hun spaarpot aan te dikken eerder) en ze zijn zo gul dat er buiten aan de zijmuur van de bodega een tweetal kraantjes staan waar je je glas kunt vullen (jammer dat we juist onze 5 l fles van water hadden weggegooid) en zo met verblijd gemoed verder de tocht kunt aanvatten liefst nog met vaste tred. Na het afzoeken van het volledige domein vond ik eindelijk de kraantjes. en daar sta je dan, want de paters leveren er geen plastic bekertjes bij en ik had, in tegenstelling tot de fietsers, geen drinkbus bij me. Het bleef dus bij kijken en ik klan jullie niet vertellen hoe de wijn smaakt, jammer.

Intussen wat het wat gaan overtrekken en er vielen een paar schuchtere regendruppels. De temperatuur lag ook maar rond de 21 graden en voor de komende dagen wordt door de plaatselijke Frank de Boosere niet zo mooi weer voorspeld. Maar als die Franco er zo dikwijls naast zit als onze Frank , dan moeten we ons geen zorgen maken. Ik vertrok zonder wijn , na een telefoontje naar Torres del Rio waar we gingen eten.
Onderweg kwam ik de fietsers tegen. Eerst zag in in een afdaling een bosje renners en bij het naderen, merkte ik dat ook Bruno en Frederik in dat groepje meereden. Francis zag ik zo niet en dat was geen wonder, want hij had een snijdende versnelling geplaatst bij het uitkomen van de afdaling en het opnieuw beginnen van de weg omhoog waardoor hij toch al vlug een tien seconden had genomen op de achtervolgers. Ik begin meer en meer te denken dat Francis, behalve zeebenen ook heel duidelijk klimkuiten heeft. Ik kon mij echter niet inlaten met deze verdeeldheid in het Vlaamse peleton en reed meteen door naar de afspraakplaats.
Bij aankomst daar wisten de renners mij te vertellen dat het vandaag toch al wel weer een lastige rit was geweest met een paar serieuze hellingen. Gelukkig was hat vanaf de picknickplaats naar Logrono maar een twintig kilometer meer. Ook hier werd het bewolkt en vielen er een paar druppels, maar niet eens genoeg om een coladopje te vullen.
Na het eten via Viana naar Logrono. Net na het vertrek in Torres del Rio werd mij teken gedaan dat ik opnieuw moest stoppen want dat er iets scheelde aan de fietsen. Meteen mijn blauw en mijn oranje zwaailicht opgezet, vier pinkers aangestoken, overall aangetrokken en dat alles in luttele seconden. Eerste dépannage is altijd een beetje avontuur nietwaar. En wat bleek, wat bleek ? Francis was vergeten zijn banden op te pompen! Dat rijdt eerst iederen eraf in de bergen en vergeet dan zijn banden op te pompen. En mij dan voor zoiets doen stoppen. Er zijn grenzen!

Terwijl hij daar dan toch stond te pompen werden we voorbijgereden door een andere Vlaamse groep uit de Kempen. Ze gaven nogal, hier, maar even verderop en hoger was de groep bij de beklimming al helemaal uiteen gevallen. Ik durf er iets op verwedden dat onze fietsers ze zo opgerold hebben.
Dat traject moet trouwens met di evele hellingen en bochten wel meer gebruikt worden in rondes want op verschillende plaatsen stonden over de weg de namen van gekende fietsers geschilderd: Boonen, Contador, Ronaldo, Verhamme, Lattrez en Louis Bonte. Misschien heb ik in de warmte wel een paar namen verkeerd gelezen maar van de eerste twee ben ik het bijna zeker dat ze er stonden.
En dan ging het verder naar Logrono waar ik met de wagen weer geen parkeerplaats zou vinden en dat ik dus niet bezocht. De fietsers deden dat wel om even te stoppen aan de kathedraal voor een glas (ik zou eerder gedacht hebben voor een stempel in hun boekje). Ik reed door naar ons hotel in Navarrete waar zij nu ook elk ogenblik kunnen landen.
En dat deden ze wat later. Een deel van de weg tussen Logrono en Navarrete liep over de camino van de wandelaars dwz dat ze een heel eind hebben moeten rijden over gravel en kiezel en dat was uiteraard geen lachertje.
Na enige rust en opfrissing, sommigen in hun douche met hydromassage (deze keer had ik gelukkig niet een van die betere kamers, want ze zouden op den duur wel denken dat ik een deal heb met booking.com om mij telkens de beste, mooiste of grootste kamer te geven wat hierbij nu dus ontkracht is), vertrokken we met de wagen naar Logrono waar we in een ondergrondse parking met minimum hoogte van 4,20 meter de wagen konden stallen. Daarna volgde een aangename wandeling naar de stad, een bezoek aan de barokke kathedraal en begon de zoektocht naar eten. In Spanje, hier althans moet je geen restaurant biinnenkomen voor ten vroegste 20.30 uur en dus moesten we de tijd doden met een kleine tapa als smaakmaker die best wel meeviel. Na nog wat slenteren vonden we dan een Café Moderna met een garçon recht uit een of andere Spaanse film: een neus om je tegen te zeggen, bakkebaarden en een heel eigen manier van doen die ons vlug en tegen een spotprijsje een maaltijd voorschotelde. Het was niet de verfijnde keuken van El Bulli waar we normaal gaan eten wanneer we in Spanje zijn, maar de honger was toch weg. En wij waren ook weg naar het hotel voor een verdiende nachtrust.
Morgen zullen onze fietsers proberen in een ruk naar Burgos te rijden, zo’n 117 km. Zien wat het wordt want het weerbericht wordt almaar dreigender. Nu, in mijn wagzen zal het droog blijven, hoop ik. See you!
Wedstrijdvraag: wat is niet correct als term voor de pereginos naar Compostella: jacquarts, jacquoires, jacqots, jacquets, jacobites, jacobipètes, jaccouilles ?
Na bijzonder geestig overleg met L. Vlaminckx, aloud notoir bedevaartganger in binnen- en buitenland (maar mag helaas Lourdes niet meer binnen wegens wildplassen in de grot), paas ik dat alleen “jacobipètes” correct is. Jacquart is champagne, jacquet is wat mijn assistent Ludo draagt om te gaan slapen, etc. Hij kende tevens wel honderd woorden met “couilles” erin, maar die leken me niet erg stichtelijk. Dus, NIET correct (pwieske sa si la kestjon) zijn : jacquarts, jacquoires, jacqots, jacquets, jacobites en jaccouilles. Met enige schroom toch wel …
Noot: ik vroeg het ook aan Opal, en die zei ” ’t is pelerin”, met ien, niet ain. Tja …
LikeLike
Hallo Daniel, de verslaggeving is weer super ! En bravo aan de dulle trappers!
Groeten, Pepijn en Evelien
LikeLike